Als de van rechts komende bestuurder plaatselijk verkeer is, geldt de voorrang van rechts zonder meer.
Indien de van rechts komende bestuurder echter geen plaatselijk verkeer is, zou de voorwaarde die aan de voorrang van rechts gekoppeld is wel eens voor een verrassing kunnen zorgen.
12.3.1. Elke bestuurder moet voorrang verlenen aan de bestuurder die van rechts komt, behalve indien hij op een rotonde rijdt of indien de bestuurder die van rechts komt uit een verboden rijrichting komt.
Voor een bestuurder die geen plaatselijk verkeer is, is de toegang verboden, principiëel in beide richtingen, en is de gevolgde richting dan uiteindelijk toch ook een verboden rijrichting
Rechtspraak ten gronde bestaat hier nog niet over, en het valt dus nog maar te bezien hoe die ogenschijnlijk simpele term
"verboden rijrichting" aanzien zal worden.
* Moet de rijrichting verboden zijn voor elke bestuurder om van deze uitzondering te kunnen spreken

Dat levert problemen op met het in principe veralgemeend beperkt éénrichtingsverkeer voor (brom)fietsers.
* Moet de rijrichting slechts verboden zijn voor de bestuurder in kwestie

Dat levert dan weer knotsgekke toestanden op dat sommige bestuurders wel en anderen geen voorrang hebben, terwijl je dat niet aan hen kan zien ...
* Gaat het enkel om "verboden rijrichtingen" opgelegd met een bord C1, het enige waar men in de bepaling spreekt van een verboden
richting
* Of gaat het ook om toegangsverboden met C3, C5, ... en de rest van de verbodsborden die een
toegangsverbod opleggen
Dat weten w dus iet tot iemand een dergelijke zaak tot voor Cassatie brengt ...
Enfin, over "de voorrang van rechts" is het laatste woord nog lang niet gezegd.