De snelheid van deze auto op dit droog wegdek is 90 km/uur.
A. De stopafstand is ongeveer 105 meter.
B. De stopafstand is ongeveer 85 meter.
C. De stopafstand is ongeveer 65 meter.
Het duidt 65 meter aan als juist antwoord.
Echter:
Dus: (90/10)²:2= 40.5.a. Bij droog weer:
(S : 10)² : 2
(Snelheid waarmee je rijdt) (delen door 10) (vermenigvuldigen met het resultaat) (uitkomst delen door 2)
Voorbeeld: (100 km/uur) (100 : 10 = 10) (10 x 10 = 100) (100 : 2 = 50)
Blijkbaar een foutje?




