Als een prioritar voertuig (vb ambulance) komt aangereden met blauw zwaailicht én signaal op een kruispunt waar een agent het verkeer regelt:
- heeft het prioritair voertuig dan altijd voorrang en mag hij altijd doorrijden (de andere bestuurders moeten immers opzij gaan),
-ook als de agent bijv. zijn arm omhoog steekt, mag het prioritair voertuig dan doorrijden en het bevel van de agent negeren?
-of moet hij de bevelen van de agent altijd opvolgen?
Groetjes Xana
Belangrijke vraag
-
Jozef
- Medewerker
- Berichten: 3989
- Lid geworden op: 28 mar 2005, 12:02
- Locatie: Schönau am Königssee (D)
In principe moeten alle weggebruikers, dus ook de bestuurders van een prioritair voertuig, de bevelen van de bevoegde personen altijd onmiddellijk opvolgen.
Er bestaan hierop maar weinig uitzonderingen. Enkele voorbeelden:
De verplichting om de doorgang vrij te maken voor een prioritair voertuig is slechts een verkeersregel.
Er bestaan hierop maar weinig uitzonderingen. Enkele voorbeelden:
- Op een kruispunt laat een bevoegd persoon het verkeer door in de door jou gevolgde richting, terwijl zijn collega het verkeer doorlaat in de dwarsrichting (komt voor).
- Een dronken bevoegd persoon (komt ook voor) geeft je het bevel om je op de openbare weg helemaal uit te kleden.
De verplichting om de doorgang vrij te maken voor een prioritair voertuig is slechts een verkeersregel.
-
Jozef
- Medewerker
- Berichten: 3989
- Lid geworden op: 28 mar 2005, 12:02
- Locatie: Schönau am Königssee (D)
Of andere instructies gekregen heeft.bibi585 schreef:In de praktijk zal deze bevoegde persoon altijd zo snel mogelijk het kruispunt vrijmaken om het prioritair voertuig door te laten.(tenzij die zat of zot is
)
Enkele jaren geleden is er in Antwerpen heel wat heibel geweest omdat een motorrijdende politiebeambte die een VIP-kolonne escorteerde op de leien, aan een kruispunt weigerde om een ambulance de leien te laten oversteken tot de VIP-kolonne voorbij was.
Soms ontstaan er ook misverstanden. Ooit zag ik een motorrijdende politiebeambte, die wellicht ook een kolonne escorteerde, op het midden van een kruispunt stoppen en een arm rechtop steken. Ik stopte dus. Zodra hij zag dat ik gestopt was, stak hij zijn arm niet meer omhoog. Voor mij was hij dus op dat ogenblik een bevoegd persoon die geen bevel meer geeft, en aangezien het licht voor mij groen was, vertrok ik. Man, man, man: met een kop zo rood als een tomaat stond hij daar op zijn fluitje te blazen, te vloeken, te tieren, te razen dat het een lust was.




