door red_avatar » 15 mei 2011, 09:46
Ik heb voor mezelf een trucje gevonden die perfect werkt en voor bijna elke auto:
Je kijkt of de auto waar je achter wil parkeren kort of lang is. Als hij lang is, rij je met je eigen zijspiegel de spiegel van die auto een beetje voorbij. Als hij kort is, rij je hem genoeg voorbij totdat je achterkant van je auto voorbij de achterkant van zijn auto is. Dan stoppen, langzaam achteruit, en vanaf dat de hoofdsteun van je achterzetel aan de achterkant van de auto is, begin je zo vlug mogelijk naar links te draaien totdat je auto een 40-45 hoek heeft (beter iets minder dan teveel want anders zit je zeker op de stoeprand). Dan draai je hem terug totdat je wil terug in het midden staat (en je dus recht achteruit rijdt) en dan ... dit is HET belangrijkste: met ondervinding moet je een punt vinden in de wagen waarvan je weet dat, als het linkerachterlicht van de wagen naast je er te zien is, je mag terugdraaien. Voor somigen is dit de zijspiegel, bij mij is het het kleine ruitje naast de zijspiegel. Als je dit punt vindt, dan kan je bijna altijd op de zelfde manier parkeren.
Wel letten op:
- staat die auto ver of dicht tegen de rand. Staat die ver van de rand, dan moet je natuurlijk iets verder achteruit rijden
- die inrijhoek = is héél belangrijk - beter te weinig dan te veel (je hebt altijd ruimte genoeg als je hoek te weinig is - maar zorg dan dat je niet te ver van de rand staat hé)
Op de rijschool hadden ze een trucje die enkel voor hen wagen telde maar ik vind dit nutteloos - beter een trucje die voor alle wagens geldt.
Ik heb voor mezelf een trucje gevonden die perfect werkt en voor bijna elke auto:
Je kijkt of de auto waar je achter wil parkeren kort of lang is. Als hij lang is, rij je met je eigen zijspiegel de spiegel van die auto een beetje voorbij. Als hij kort is, rij je hem genoeg voorbij totdat je achterkant van je auto voorbij de achterkant van zijn auto is. Dan stoppen, langzaam achteruit, en vanaf dat de hoofdsteun van je achterzetel aan de achterkant van de auto is, begin je zo vlug mogelijk naar links te draaien totdat je auto een 40-45 hoek heeft (beter iets minder dan teveel want anders zit je zeker op de stoeprand). Dan draai je hem terug totdat je wil terug in het midden staat (en je dus recht achteruit rijdt) en dan ... dit is HET belangrijkste: met ondervinding moet je een punt vinden in de wagen waarvan je weet dat, als het linkerachterlicht van de wagen naast je er te zien is, je mag terugdraaien. Voor somigen is dit de zijspiegel, bij mij is het het kleine ruitje naast de zijspiegel. Als je dit punt vindt, dan kan je bijna altijd op de zelfde manier parkeren.
Wel letten op:
- staat die auto ver of dicht tegen de rand. Staat die ver van de rand, dan moet je natuurlijk iets verder achteruit rijden
- die inrijhoek = is héél belangrijk - beter te weinig dan te veel (je hebt altijd ruimte genoeg als je hoek te weinig is - maar zorg dan dat je niet te ver van de rand staat hé)
Op de rijschool hadden ze een trucje die enkel voor hen wagen telde maar ik vind dit nutteloos - beter een trucje die voor alle wagens geldt.