@ Eugeen
Een autobus die binnen de bebouwde kom haar halteplaats verlaat in de zelfde rijrichting moet je voorrang verlenen als ze haar richtingaanwijzers heeft aangezet.
Dit is een uitzondering op art.12.4 en dus géén manoeuvre.
Hoe kom ik aan de conclusie?
Artikel 39: Gedrag tegenover autobussen en trolleybussen die hun halteplaatsen verlaten
Binnen de bebouwde kommen moet elke bestuurder die dezelfde richting volgt als een autobus of een trolleybus, die autobus- of trolleybusbestuurder gelegenheid laten zijn halteplaats te verlaten wanneer hij met de richtingsaanwijzers zijn voornemen kenbaar heeft gemaakt zijn voertuig opnieuw in beweging te brengen. Daartoe moet hij vertragen en, zo nodig, stoppen.
In dat geval en in afwijking van de bepalingen van artikel 12.4., moeten de autobus- en de trolleybusbestuurders geen voorrang verlenen aan de andere bestuurders die dezelfde richting volgen.
De autobus doet geen manoeuvre.
Dan is er nog 12.4 bis
12.4bis De bestuurder die een trottoir of een fietspad oversteekt, moet voorrang verlenen aan de weggebruikers die overeenkomstig dit besluit gerechtigd zijn om het trottoir of fietspad te volgen.
Dat nieuwe artikeltje 12.4 bis van Landuyt was ik even uit het oog verloren
Dan heeft de fietser voorrang.