Mijns herinnering zegt me? dat je moet stoppen aan de stopstreep horende bij het stopbord B5. Ze kan speciaal aangebracht worden om de stop*plaats* te benadrukken.
Indien de stopstreep niet is aangebracht, bv omdat de plaatsgesteldheid dit niet toelaat of er daardoor juist verwarring dreigt te ontstaan, dient gestopt te worden op die plaats die de bestuurder het beste toelaat vast te stellen of hij voorrang moet geven en wanneer hij verder kan rijden.
Nergens staat dat dit vlak aan het verkeersbord B5 moet zijn.
Als er nu juist bij de tekst van het verkeersbord B5 *onmiddellijke nabijheid* vermeld is, dan staat er doelbewust NIET: vlak ernaast, 1m, 2m ... ervoor of erna, precies omdat dit niet beter te omschrijven valt. De omstandigheden kunnen immers variëren; het zicht, al dan niet fout geparkeerde voertuigen, verkeersdrukte, ...
En, ... aldus kan deze verplichting tot stoppen volkomen rechtmatig geschieden *bovenop* een zebrapad of een oversteekplaats voor fietsers indien zij niet in de onmiddellijke omgeving zijn, en ....
Samengevat, de meest logische plaats waar men het beste zicht heeft om veilig voorrang te KUNNEN verlenen is de beste stopplaats. Maar weliswaar staat ook nergens dat dit de enige verplichte stopplaats is.
Of zou de wetgever dan toch bedoelen om eerst te moeten te stoppen aan de lingeriewinkel

10m dieper de straat in, omdat het bord B5 daar geplaatst is, en niet op de hoek van de straat vlak voor de inrit van een tankstation?
De rechtspraak denkt alvast van niet. U kan dat zelf terugvinden, het onderwerp werd al uitvoerig besproken en becommentarieerd oa door POSTAL.
Bovenstaande redenering geldt NIET aan een verkeerslicht om voor de hand liggende redenen
Mvg
Mijns herinnering zegt me? dat je moet stoppen aan de stopstreep horende bij het stopbord B5. Ze kan speciaal aangebracht worden om de stop*plaats* te benadrukken.
Indien de stopstreep niet is aangebracht, bv omdat de plaatsgesteldheid dit niet toelaat of er daardoor juist verwarring dreigt te ontstaan, dient gestopt te worden op die plaats die de bestuurder het beste toelaat vast te stellen of hij voorrang moet geven en wanneer hij verder kan rijden.
Nergens staat dat dit vlak aan het verkeersbord B5 moet zijn.
Als er nu juist bij de tekst van het verkeersbord B5 *onmiddellijke nabijheid* vermeld is, dan staat er doelbewust NIET: vlak ernaast, 1m, 2m ... ervoor of erna, precies omdat dit niet beter te omschrijven valt. De omstandigheden kunnen immers variëren; het zicht, al dan niet fout geparkeerde voertuigen, verkeersdrukte, ...
En, ... aldus kan deze verplichting tot stoppen volkomen rechtmatig geschieden *bovenop* een zebrapad of een oversteekplaats voor fietsers indien zij niet in de onmiddellijke omgeving zijn, en ....
Samengevat, de meest logische plaats waar men het beste zicht heeft om veilig voorrang te KUNNEN verlenen is de beste stopplaats. Maar weliswaar staat ook nergens dat dit de enige verplichte stopplaats is.
Of zou de wetgever dan toch bedoelen om eerst te moeten te stoppen aan de lingeriewinkel :roll: 10m dieper de straat in, omdat het bord B5 daar geplaatst is, en niet op de hoek van de straat vlak voor de inrit van een tankstation?
De rechtspraak denkt alvast van niet. U kan dat zelf terugvinden, het onderwerp werd al uitvoerig besproken en becommentarieerd oa door POSTAL.
Bovenstaande redenering geldt NIET aan een verkeerslicht om voor de hand liggende redenen :)
Mvg