Gast schreef:Volgens mijn begeleider stuur ik totaal verkeerd !
Het draaien is totaal verkeerd, ik draai volgens hem in schokjes:
mijn handen staan 10 op 10
bijvoorbeeld bij een bocht zou ik met mijn handen 10 op 10 naar rechtsdraaien tot mijn rechterhand onderaan is,
dan zou ik mijn rechterhand verplaatsen naar de oorspronkelijke plaats van de linkerhand (10 voor dus), en daarna verder draaien tot ik mijn rechterhand op 10 over heb en dan plaats ik mijn linkerhand naar 10 uur (dus beide handen weer 10 op 10) en zo doe ik opnieuw...
Kortom ik stuur op een 6hoekachtige manier!!
Deze methode is inderdaad voor verbetering vatbaar.
Je kunt het nauwkeurigste sturen als je de volgende 3 regels volgt.
Ten eerste: als je het stuur volgens een diagonaal vast hebt (de denkbeeldige lijn die van de ene hand naar de andere gaat, gaat door het midden van het stuurwiel).
Om rechtdoor te rijden, zou je dus de linkerhand op 9 uur en de rechterhand op 3 uur moeten plaatsen. Maar dat wordt na enige tijd relatief vermoeiend. Daarom beveelt men de iets minder nauwkeurige, maar minder vermoeiende houding "10 over 10" aan (linker hand op 10 uur en rechter hand op 2 uur).
In een bocht is het evenwel aangewezen dat je het stuur in diagonaal vasthebt.
Ten tweede: hoe minder je het stuur moet herpakken, hoe nauwkeuriger je stuurt.
Vóór een bocht naar rechts die je vanuit de "10 voor 10" stand niet zou kunnen nemen zonder je handen te verplaatsen, kun je dus beter je linkerhand onderaan op 6 uur plaatsen en je rechterhand bovenaan op 12 uur. Je kunt dan het stuurwiel vrijwel 3/4 van een volledige omwenteling naar rechts draaien zonder je handen te verplaatsen.
Vóór een dergelijke bocht naar links wordt dat dus de linkerhand bovenaan op 12 uur en de rechterhand onderaan op 6 uur.
Ten derde: als je aan het stuurwiel duwt, stuur je nauwkeuriger dan wanneer je eraan trekt.
In een bocht naar rechts duw je dus aan het stuurwiel met je linkerhand, in plaats van eraan te trekken met je rechterhand.
In een bocht naar links duw je met je rechterhand, in plaats van te trekken met je linkerhand.
Nog enkele tips.
Begeleid het stuurwiel als het terugkeert naar de rechtuitstand, laat het niet door je handen glijden.
Zorg ervoor dat je, door oefening, het gevoel krijgt dat de auto in de bochten doet wat jij wil, niet wat hij wil. Jij bent de baas, maar "This is your captain speaking" verstaat de auto (nog) niet. Zoals je misschien al weet, zijn er 3 soorten bestuurders: er zijn er die zorgen dat de auto doet wat ze willen, er zijn er die zien wat de auto doet, en er zijn er die zich afvragen wat de auto doet. Ga het maar na bij een ongeval: ze zijn "de controle over het stuur verloren", maar wat er juist gebeurd is, weten ze niet.
Zorg er bij het instellen van je stuur en je zetel voor dat, ook als een hand het stuur bovenaan op 12 uur vast heeft, je overeenkomstige schouder toch nog contact heeft met de rugleuning. En als je het koppelingspedaal niet moet bedienen, plaats de linker voet dan op de daarvoor voorziene voetsteun. Op die manier ga je het in je schouders en je zitvlak snel en nauwkeurig voelen als de auto eens 69-standje wil uitvoeren in een bocht, zodat je hem snel en nauwkeurig weer tot de orde kunt roepen zonder dat het met een Weense wals eindigt.
Nog later, als je wat meer ervaring hebt, probeer dan de auto "in de bocht te leggen", door al net iets vóór de bocht het stuurwiel een beetje te verdraaien.
Nog een vraagje, is het zo dat je zodra je in beweging bent onmiddellijk naar 2de moet schakelen? Als ik bijv. vertrek van een kruispunt en ik moet naar rechts draaien dan probeer ik eerst goed en veilig te draaien en dan pas schakel ik, maar ik zou zodra ik maar een beetje in beweging onmiddellijk naar 2de moeten schakelen (dus in een bocht schakelen)?
In het kader van ecologisch rijgedrag wordt aangeraden om, zodra het onder gunstige omstandigheden voor de motor kan, op te schakelen, en vooral dan van 1ste naar 2de versnelling. Sommigen zeggen zelfs dat je in 1ste versnelling niet meer dan 1 wagenlengte zou mogen rijden, maar dan moet je echt wel vinnig optrekken.
Hoed je voor overdrijving met die hype wat dat snel opschakelen betreft. Als de auto zwaar beladen is, een aanhangwagen trekt, een steile helling oprijdt, of als je even vlug moet optrekken om veilig in te voegen op een autosnelweg of om in te halen, moet je veel verder doortrekken in elke versnelling alvorens op te schakelen.
Ik ken er die in de hoogste versnelling met een motortoerental van 1.200 toeren per minuut rijden, en dan plankgas geven om snel op te trekken. Maar dat zint de motor niet bij een dergelijk toerental. Die mensen zouden veel minder brandstof verbruiken en lucht vervuilen als ze dan even zouden terugschakelen, optrekken tot de gewenste snelheid en dan weer opschakelen.
Het slechtste is in ieder geval om bij het afslaan in de bocht zelf te schakelen. Meestal heeft dat bij dergelijke lage snelheden geen dramatische gevolgen. Maar maak er geen gewoonte van, want de dag dat je in die bocht het koppelingspedaal weer laat opkomen als er sneeuw of ijzel ligt, kiest je wagen een richting die jij niet wil dat hij uitgaat.
Sta je dus voor een rood verkeerslicht dat echt op de hoek van de straat staat waar jij rechts wil indraaien, doe dat dan in 1ste versnelling.
Staat dat verkeerslicht daarentegen 10 meter vóór die straat, dan kan je nog gerust naar 2de versnelling schakelen vóór je gaat afslaan.
Is het waar dat je binnen-buiten-schouder moet kijken om de 10seconden?
Schuin naar achter over een schouder heenkijken is bedoeld om te vermijden dat je een voertuig niet zou gezien hebben dat zich in de zogenaamde dode hoek van de spiegels bevindt. Je hoeft het dus enkel te doen vóór een zijdelingse verplaatsing en om links of rechts af te slaan.
Is er een specifieke volgorde om in de spiegels te kijken?
Neen. Maar het is belangrijk dat je voortdurend zowel weet wat zich achter jou afspeelt als vóór jou. Als je dan bijvoorbeeld plots moet uitwijken voor een hindernis, moet je niet eerst nog eens nagaan of je bijvoorbeeld niet op het punt staat om ingehaald te worden.
Een vuistregel is om de 5 seconden in de spiegels te kijken. Als je rechts rijdt, hoef je natuurlijk alleen maar in de binnen- en linkerbuitenspiegel te kijken.
En een zeer goede gewoonte bestaat erin om dan telkens ook even een blik op het instrumentenbord te werpen. Als je dat niet doet, zit je bijvoorbeeld al gauw ongemerkt over de maximum toegestane snelheid. Gaat het controlelampje van de oliedruk (niet van het oliepeil) branden, dan kun je enkel zware motorschade vermijden als je dat zeer snel gemerkt hebt, en onmiddellijk ontkoppelt en de motor uitschakelt, waarna je de wagen aan de kant zet. Ook als de koelvloeistoftemperatuur te hoog oploopt, is het beter dat je dat dadelijk op het instrumentenpaneel ziet, dan wanneer je het achteraf moet merken aan de witte stoomwolken in je achteruitkijkspiegel.